|
“Voor altijd mijn zus, mijn broer” Lotgenotenorganisaties werken samen aan een goede opvang van broers en zussen van verkeersslachtoffers
|
|

|
De lotgenotenorganisaties Ouders van een Overleden Kind (OVOK) en Ouders van Verongelukte Kinderen (OVK), het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk en de vzw ZEBRA schreven een brochure voor ouders waarvan een kind stierf door een verkeersongeval. De brochure wil ouders helpen om de andere kinderen uit het gezin op te vangen. “Nadat je kind overleden is, heb je als ouder al je energie nodig om zelf overeind te blijven. Toch wil je er ook zijn voor je andere kinderen”, zo vertelt Christine Langouche van OVOK. “Maar net op dat moment lijkt dat zo ontzettend moeilijk. Het boekje ‘Voor altijd mijn zus, mijn broer’ geeft tips over hoe je je kind in die zware periode zo goed mogelijk kunt bijstaan.” |
14.02.08 "Betere opvang verkeersslachtoffers in Vlaanderen"
|
Persmededeling 14 februari 2008, Steven Vanackere, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin Vandaag ondertekenden Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Steven Vanackere en de 3 partnerorganisaties Zebra, Ouders van Verongelukte Kinderen en het steunpunt Algemeen Welzijnswerk een convenant voor een betere opvang van verkeersslachtoffers. Verkeersslachtofferschap is een belangrijke maatschappelijke problematiek. In 2006 telde het Vlaams Gewest 42.414 verkeersslachtoffers waarvan 540 met dodelijke afloop. Er waren 4.616 ernstig gewonden en 37.258 licht gewonden. Onder hen zijn er ook veel kinderen en jongeren. Jaarlijks komen ongeveer honderd kinderen en jongeren om in het verkeer. Ongeveer tienduizend kinderen raken bij een ongeval betrokken en worden gewond. 1.110 kinderen lopen zware letsels op. Het verkeersveiligheidsplan van de Vlaamse Regering zorgt onder andere voor meer en veiligere fietspaden, een veilige schoolomgeving, goede rijopleiding, verkeerseducatie en technische veiligheid. Samen met de federale overheid wil Vlaanderen tegen 2015 een halvering van het aantal verkeersdoden.
|
|

|
Maar daarnaast is ook de zorg voor slachtoffers een belangrijke beleidsprioriteit. In het regeerakkoord van 2004 stond dat de Vlaamse overheid elk verkeersslachtoffer een zorgzame, integrale en efficiënte ondersteuning zal aanbieden. Een Staten-Generaal voor een betere opvang en begeleiding van verkeersslachtoffers inventariseerde de nood aan informatie, hulp en ondersteuning van verkeersslachtoffers. Dit resulteerde in niet minder dan 214 aanbevelingen. In antwoord hierop versterkte Steven Vanackere in november 2007 de diensten slachtofferhulp van de CAW’s met 14 gespecialiseerde medewerkers (677.580 euro). Deze moeten zorgen voor de uitbouw van trajectbegeleiding van verkeersslachtoffers en de ondersteuning van lotgenotenhulp. Het convenant dat Steven Vanackere met de 3 partnerorganisaties afsluit, moet borg staan voor een stevige verankering van aandacht en initiatief voor verkeersslachtoffers in praktijk en beleid. De partnerorganisaties zullen hun kennis en ervaring bundelen met die van andere maatschappelijke voorzieningen in een Steunpunt Verkeersslachtoffers, om een beter inzicht te verwerven in de gevolgen van verkeersongevallen en om een betere informatie en opvang van de slachtoffers mogelijk te maken. Zo zal een website ontwikkeld worden waar verkeersslachtoffers en hulpverleners informatie vinden over de verschillende facetten van de problematiek, de hulpmogelijkheden en de procedures. Er zullen vormingspaketten ontwikkeld worden om de deskundigheid van al wie met verkeersslachtoffers in aanraking komt te vergroten. Er zullen concreet bruikbare instrumenten ontwikkeld worden waar verkeersslachtoffers en hun naastbestaanden gebruik van kunnen maken. Bijvoorbeeld een draaiboek voor gezinnen waar iemand verkeersslachtoffer werd of een checklist voor het samenstellen van een verzekeringsdossier. Ook zullen de convenantpartners werk maken van stroomlijning van de samenwerking tussen de medische wereld, politie, justitie, hulpverlening en revalidatie, onderwijs, werk en mobiliteit. |
| Met dit convenant geeft Steven Vanackere aan dat hij de aandacht en het initiatief voor verkeersslachtoffers en hun families geen voorbijgaand fenomeen vindt, maar dit blijvend op de eigen beleidsagenda en die van vele collega's wil plaatsen. |
22.02.08 "Europese dag van het slachtoffer"
|
Slachtoffers hebben recht op hulp. Vele mensen dragen dagelijks bij tot een goede opvang van slachtoffers. Ondanks dit hulpaanbod vinden veel slachtoffers nog altijd niet de weg naar de juiste hulp.
|
|
 klik op de afbeelding om de e-card helemaal te zien
|
De persoonlijke beleving van wat hen overkwam kan bij slachtoffers erg verschillen. Ogenschijnlijk banale feiten kunnen slachtoffers diep raken. In eerste instantie reageren slachtoffers soms heel nuchter en kalm en krijgt het slachtoffer pas later moeilijkheden met de verwerking van wat hem overkwam. Het is dan ook belangrijk dat slachtoffers onmiddellijk na de feiten zicht hebben op het hulpaanbod. Zodat ze weten waar ze terecht kunnen met vragen, ook al willen ze pas hulp lang na de feiten. De vragen die slachtoffers hebben, zijn heel divers. De gevolgen van een schokkende gebeurtenis zijn soms niet te onderschatten en raken aan verschillende levensdomeinen. Eigenlijk is geen enkele vraag abnormaal. Het zijn de omstandigheden waarin mensen slachtoffer worden, die abnormaal zijn. |
Daarom moeten slachtoffers geholpen worden met gelijk welke vraag. Naar aanleiding van de Europese dag van het slachtoffer, willen het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk en de diensten Slachtofferhulp van de CAW’s het recht op hulp van slachtoffers in de kijker zetten. Met deze e-card willen we in de eerste plaats alle samenwerkingspartners bedanken voor hun huidige bijdrage aan een goede opvang. We nodigen hen uit om samen met ons dit recht op hulp blijvend waar te maken. Gelijk wanneer en met gelijk welke vraag moeten slachtoffers geholpen worden. Want slachtoffers hebben recht op hulp. |
18.12.07 "Zeppe de zebra", een symbool voor solidariteit met jonge verkeersslachtoffers
 |
Levenslijn en de vzw ZEBRA startten een campagne met de knuffel Zeppe de zebra. Op die manier willen zij een goede opvang van jonge verkeersslachtoffers centraal stellen. Na de hoopgevende daling van de voorbije jaren, van 1.500 naar minder dan 1.100 dodelijke slachtoffers per jaar, is er tussen juli 2006 en juli 2007 opnieuw een stijging met 3,5%. België bekleedt daarmee de vijftiende plaats in Europa en bevindt zich in het gezelschap van landen als Slovakije, Spanje en Portugal.
“Een verkeersongeval is een schokkende gebeurtenis, zeker voor kinderen en jongeren”, zegt Barbara Janssens van ZEBRA vzw. “Maar na een ongeval zijn de hulpdiensten druk in de weer. Met de veiligheid, de verzorging van de slachtoffers en de eerste vaststellingen. Tijdens de drukte worden kinderen en jongeren wel eens over het hoofd gezien. Nochtans is een goede onmiddellijke opvang erg belangrijk voor een gezonde verwerking.”
|
De ZEBRA-knuffelactie wil interventiediensten aanmoedigen oog te hebben voor de jonge verkeersslachtoffers op de plaats van het ongeval. “Zeppe kan hier een belangrijke rol spelen. Zeppe kan in de eerste plaats een troost zijn voor het kind dat even geen raad meer weet. Maar Zeppe kan evengoed de hulpverlener bijstaan in het geruststellen van kinderen die in de war zijn door de beangstigende ervaring”, aldus Janssens. “Politie, brandweer of ambulancediensten die in de knuffelactie willen meestappen, kunnen de Zeppe-knuffels tegen een voordelige prijs aankopen. Zij krijgen er ook een draaiboek bij met meer uitleg over de knuffelactie.” Zeppe is echter niet alleen bedoeld voor kinderen en jongeren die een ongeval hebben meegemaakt of zagen gebeuren. Hij is er ook voor wie een vriendje of een familielid heeft dat het slachtoffer werd van een ongeval. Of gewoon, voor wie hem leuk vindt. Zo zal Zeppe opduiken in boekentassen, jaszakken en op kinderkamers, want deze lieve zebra is gewoon leuk gezelschap. Levenslijn biedt Zeppe te koop aan tegen 7 euro. |
| Meer weten : |
ZEBRA vzw Bondgenotenlaan 134 3000 Leuven
|
|
Links:
|
| zebraweb |
|
| Telefoon : |
016 31 91 10
|
11.12.07 Vlaamse overheid maakt kinderkoffers voor diensten Slachtofferhulp
| |
In zijn beleidsbrief voor 2008 engageerde de Vlaamse minister van Welzijn, de heer Steven Vanackere, zich om werkingsmiddelen ter beschikking te stellen voor de opvang van kinderen die slachtoffer zijn van een schokkende gebeurtenis. Er werd dan ook besloten om de kinderwerking van de diensten Slachtofferhulp een materieel duwtje in de rug te geven. Elke dienst Slachtofferhulp krijgt in december een koffer toegestuurd met didactisch materiaal en knutselmateriaal om te gebruiken bij opvang van kinderen. De focus van de koffer ligt bij kinderen die slachtoffer of getuigen waren van een verkeersongeval of intrafamiliaal geweld. Vandaar de keuze voor een werkboek en een therapeutenhandleiding voor kinderen en ouders van kinderen die ruzie en geweld in het gezin hebben meegemaakt. Met deze instrumenten, gesuggereerd door het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk, kunnen de diensten concreet aan de slag. In de handleiding vinden medewerkers concrete methodieken die ter ondersteuning dienen om met kinderen te werken in individuele begeleiding of in groepsbijeenkomsten.
Het materiaal kan de diensten Slachtofferhulp helpen bij de organisatie van kinderdoe- en praatgroepen. Slachtofferhulp kan aan kinderen van 8 tot 12 jaar die een gezinslid verloren hebben door een verkeersongeval, een levensdelict of zelfdoding groepsopvang aanbieden. De kinderen komen 8 keer samen onder begeleiding van medewerkers van Slachtofferhulp. De bedoeling is om kinderen een groep te geven waar ze terecht kunnen met hun verdriet over het verlies van een gezinslid bij lotgenoten en leeftijdsgenoten. In dit lotgenotencontact kunnen zij hun gevoelens, reacties en gedachten delen en reacties van andere kinderen herkennen bij zichzelf. Kinderen voelen weer dat ze erbij horen, ook met hun verdriet. Bij andere leeftijdsgenoten is hier vaak geen plaats voor. Ook tussen volwassenen zijn kinderen vaak vergeten slachtoffers. Ze worden letterlijk en figuurlijk over het hoofd gezien en verbergen hun verdriet vaak om hun gezinsleden te sparen. Binnen de kinderdoe-en praatgroepen krijgen kinderen een plaats om op hun manier het verlies te verwerken.
|
| Meer weten : |
Lies Vermeulen, stafmedewerker Slachtofferhulp
|
|
Links:
|
| beleidsbrief |
|
20.11.07 Omzendbrief verkeer
| |
Minister Van Ackere regelt in een omzendbrief dat CAW’s met een dienst Slachtofferhulp opdrachten krijgen inzake de opvang van verkeersslachtoffers, dat de provinciale kinderwerking voortaan ingebed wordt in CAW’s en dat er middelen komen ter ondersteuning van de vrijwilligerswerking. De CAW’s met een dienst Slachtofferhulp zijn blij dat er middelen komen voor opvang van verkeersslachtoffers en zijn zich er van bewust dat de verwachtingen groot zijn. Ze hopen met de uitbouw van hulp- en dienstverlening aan verkeersslachtoffers kunnen tegemoet te komen aan de verwachtingen en noden van verkeersslachtoffers. De aandacht voor opvang van kinderen en jongeren slachtoffer van een misdrijf is voor Slachtofferhulp niet nieuw. De uitdaging bestaat er nu in om een project met provinciale kinderwerkers die de aandacht voor kinderen en jongeren bij Slachtofferhulp maar ook bij intermediairen (onderwijs, CLB’s…) behartigden, lokaal in CAW’s in te bedden. Tot slot zijn de middelen voor de vrijwilligerswerking erg welkom want deze maken het mogelijk dat de diensten Slachtofferhulp de inschakeling van vrijwilligers verder op een professionele manier kunnen uitbouwen.
Verkeer De Vlaamse Staten Generaal voor Verkeersslachtoffers (2006) formuleerde in haar aanbevelingen dat er een gebrek is aan opvang van verkeersslachtoffers. Nabestaanden van dodelijke verkeersongevallen kunnen nu reeds terecht voor hulp bij de CAW’s met een dienst slachtofferhulp maar voor gekwetste slachtoffers is er op vlak psycho-sociale opvang onvoldoende opvang in Vlaanderen. Minister Van Ackere gaf gevolg aan die aanbevelingen door middelen aan de Caw’s met een dienst Slachtofferhulp te geven voor de uitbouw van hulp- en dienstverlening aan verkeersslachtoffers, met name door het samenstellen, omkaderen en in stand houden van een pool van trajectbegeleiders, de ondersteuning van lotgenotenwerkingen en het uitbouwen intersectorale netwerken.
Kinderen Sinds 2003 subsidieerde de minister van Welzijn een project met 5 provinciale coördinatoren die de kinderwerking van Slachtofferhulp uitbouwden. De opgebouwde expertise over opvang van kinderen werd via opleidingen aan (vrijwillige)medewerkers van Slachtofferhulp overgedragen. De methodieken werden ook neergeschreven in het boek 'Kinderen helpen na een schokkende gebeurtenis'. De provinciale coördinatoren stonden ook in voor vorming en sensibilisering van intermediairen inzake opvang van kinderen na een schokkende gebeurtenissen. Vanaf 1 november 2007 eindigt dit provinciaal project en wordt het werken met kinderen ingebed in alle CAW’s met een dienst Slachtofferhulp. Meer concreet zijn volgende taken bepaald: aandacht voor een kwaliteitsvolle opvang van kinderen en het vormen van intermediairen zodat zij zelf instaat zijn kinderen slachtoffer van een misdrijf op te vangen.
Vrijwilligers Via middelen voor de kosten van de vrijwilligerswerking van Slachtofferhulp wil Minister Van Ackere tonen dat de inschakeling van vrijwilligers essentieel is. Daarnaast zijn er ook middelen voor een onderzoek naar het potentieel en limieten van de vrijwilligerswerking.
|
19.11.07 Voorstelling B-BOX
 |
De b-box is er voor iedereen bij de lokale en federale politie die in contact komt met verkeersslachtoffers, getuigen en hun omgeving. De b-box, staat voor buitengewoon behartigen van de behoeften van verkeersslachtoffers aan bijstand. Buiten-gewoon, want het gaat om een buiten-gewone ervaring. Behartigen, want het contact met de slachtoffers, getuigen en hun naasten vraagt niet enkel om een zakelijk, informatief contact. In deze buiten-gewone situatie is ook een menselijke houding nodig. Behoefte aan Bijstand, want de verkeersslachtoffers, de getuigen en hun naasten komen terecht in een situatie en een wereld die zij niet kennen, waarbij zij de hulp van iedereen die hen kan bijstaan kunnen gebruiken. |
13.06.2006 Verlies de niet-verdwenen, betrokken kinderen niet uit het oog!
PERSBERICHT van dinsdag 13.06.06 - België is aangegrepen door de verdwijning van de twee zusjes, Stacy en Nathalie in Luik. Iedereen deelt in de grote ongerustheid en ondraaglijke angst van de betrokken ouders. Terecht gaat er naar hen de nodige aandacht en ondersteuning. Politiemensen, justitie en hulpverlening doen hun werk in de zoektocht naar de meisjes en de ondersteuning van het gezin. We hopen allemaal op een goede afloop en zijn ervan overtuigd dat beide meisjes dan ook goed omringd zullen worden door professionele hulpverleners.
Waar Slachtofferhulp op dit moment de aandacht op wil vestigen zijn de broers, zusjes en de vriendjes en klasgenootjes van Stacy en Nathalie. Ook zij zijn betrokken en voelen, denken en beleven van alles op dit moment. Kinderen maken net als volwassenen een (verwerkings)proces door. Daarbij blijven kinderen in de eerste plaats kinderen en geven ze op een eigen manier betekenis aan wat ze meemaken. Kinderen zijn bijzonder gevoelig voor wat er in hun omgeving gebeurt. Afhankelijk van hun leeftijd en karakter zullen ze verschillend reageren.
In dit soort omstandigheden is het voor ouders vaak heel moeilijk om oog te hebben voor de noden van hun andere kinderen. Zij zijn overweldigd door hun eigen emoties en door de gebeurtenissen. Andere vertrouwenspersonen, zoals de leerkracht, een oom, een tante of de buurvrouw, kunnen dan tijdelijk de ouders bijstaan in het opvangen van deze kinderen. Voor andere betrokken kinderen zoals vriendjes en klasgenootjes zijn hun ouders en de leerkracht vaak de eerste vertrouwenspersoon.
De rol van deze vertrouwenspersoon is om wat gebeurt niet te verzwijgen of te negeren, want dit is voor kinderen bijzonder pijnlijk. Kinderen stellen zich vragen en hun fantasieën zijn vaak erger dan de realiteit. Kinderen hebben recht op gepaste aandacht. Dit wil zeggen dat er op hun maat met hen moet omgegaan worden. Kinderen hebben nood aan iemand die naar hen luistert en hen helpt om via spel of gesprek uitdrukking te geven aan wat ze voelen en denken. Belangrijk is om kinderen, in dergelijke omstandigheden, zoveel mogelijk de gebruikelijke structuur en routine te geven. Je kan aan kinderen ook vragen wat ze nodig hebben. Net als volwassenen willen ze vaak weten wat er gebeurt. Eerlijke en begrijpbare informatie helpt kinderen te leren omgaan met wat ze beleven.
Professionele hulp aan kinderen, kan nodig zijn, maar hoeft zeker niet altijd. Directe vertrouwenspersonen en steunfiguren in de omgeving zijn het belangrijkst in de opvang van kinderen. Vaak hebben deze vertrouwenspersonen vragen bij hoe ze dit het best kunnen doen. Hiervoor kunnen terecht bij de diensten Slachtofferhulp van de Centra voor Algemeen Welzijnswerk in Vlaanderen.
Meer lezen: Kinderen helpen na een schokkende gebeurtenis, praktische gids na een misdrijf of een plots overlijden, Lannoo
Astrid Rubbens Stafmedewerker Slachtofferhulp Steunpunt Algemeen Welzijnswerk
|