communitysoft|Producten|Thema's|Nieuwe pagina (naam opgeven)
artikel sociaal

Hulpverlening aan weglopers

Een schets vanuit het algemeen welzijnswerk

Volgens een studie van Child Focus en de Koning Boudewijnstichting (2004)(*) zouden er jaarlijks 6,5% van de jongeren tussen 12 en 18 jaar van huis of uit een voorziening weglopen. Een cijfer dat enigszins gerelativeerd moet worden, omdat van een vrij brede definitie van weglopen vertrokken wordt. Ook jongeren die een dag spijbelen, wat rondzwerven, een nacht logeren bij een vriend(in) en de dag erna terug opduiken, vallen onder deze definitie.
Toch is dit “weglopen van één dag” een signaal dat ernstig moet genomen worden en dat kan wijzen op uiteenlopende aanleidingen en oorzaken. Er zijn jongeren die botsen met hun ouders en in een vlaag van woede de deur van het ouderlijk huis achter zich dichttrekken. Bij zulke escalerende ruzies is na een korte time-out vaak een herstel mogelijk van de relaties en de communicatie binnen het gezin. Soms is de problematiek in het gezin echter zeer ernstig. Zo kan fysiek of seksueel misbruik een reden zijn om weg te lopen. Maar ook persoonlijke problemen, identiteitsvragen en vragen bij de zin van het leven, kunnen aan de basis liggen van het weglopen.
Weglopen mag niet gebagatelliseerd worden. Anderzijds zijn weglopers vaak jongeren die hun situatie zelf in handen nemen en een eigen kracht ontwikkelen om problemen aan te pakken. De jongere geeft met zijn wegloopgedrag een signaal over zichzelf, over een onhoudbare situatie en legt zich daar niet passief bij neer.
De crisissituatie die weglopen teweegbrengt, kan een aanknopingspunt zijn om dieperliggende problemen aan te pakken. Weglopen betekent immers dat één lid van het gezinssysteem eruit stapt, wat dit systeem behoorlijk kan door elkaar schudden, maar ook verandering mogelijk maakt. Weglopen is daarom niet iets dat per sé voorkomen moet worden.

Weinig weglopers zoeken en vinden hulp

Uit de vermelde studie blijkt ook dat de hulpverlening voor vele jonge weglopers nog onbekend is. Niet elke wegloopsituatie moet echter met professionele hulp beantwoord worden. Weglopen kan immers een kort en krachtig signaal zijn van jongeren naar hun ouders, dat de communicatie binnen het gezin kan herstellen of op gang brengen. Ouders en kinderen kunnen tot op zeker hoogte zulke crisissen best zelf aan, mits eventueel wat steun en advies vanuit de omgeving.
Misschien is een te sterke problematisering van het weglopen juist ook een reden voor jongeren om de hulpverlening te wantrouwen en er geen contact mee op te nemen. De essentie is dat jongeren met hun vragen en problemen terecht kunnen in een laagdrempelige dienst die zij volledig vertrouwen. Daarom zijn er hulpverleningsdiensten nodig die eigen zijn met de leefwereld van jongeren en die discretie tot zelfs anonimiteit waarborgen.
Daarnaast heeft de specifieke juridische en maatschappelijke positie van minderjarige weglopers implicaties voor de hulpverlening. Het is belangrijk om goed te weten wat jongeren wel en niet zelfstandig kunnen en mogen, vooraleer een aanbod te formuleren. De opvang en begeleiding van weglopers situeren we dan ook in het ruimer kader van crisishulpverlening aan minderjarigen.
Sommige weglopers die in een crisissituatie terechtkomen, worden geconfronteerd met angst, eenzaamheid en onzekerheid. Als men niet terecht kan bij vrienden of kennissen is er een directe vraag naar onderdak. Het weglopen kan ook een negatieve spiraal in beweging brengen: afhaken op school, verlies van vrienden, extra barrières in de relatie met de ouders. De ouders worden in eerste instantie geconfronteerd met ongerustheid, maar als het kind is teruggekeerd of wanneer zij weten waar hun kind verblijft, overheerst vooral het gevoel van mislukt te zijn in hun opvoedingstaak.
Hoe dan ook is het belangrijk om een “time out” in te bouwen, die toelaat om de crisis te deblokkeren en de jongere en zijn ouders de ruimte geeft om na te denken over de situatie en mogelijke oplossingen. Wanneer een onmiddellijke terugkeer naar huis niet mogelijk, niet aangewezen of door de jongere niet gewenst is, dient er minstens voor enkele dagen een geschikt onderdak gevonden te worden. Maar het vinden van degelijke opvang is een tijdrovende, dure en creatieve aangelegenheid die een structurele aanpak vereist. Om weggelopen jongeren op een goede en veilige manier te kunnen helpen en omdat minderjarige weglopers onder het ‘bewaringsrecht’ van de ouders vallen, is het noodzakelijk een netwerk op te zetten bestaande uit goede afspraken met politie en justitie. Zo worden situaties vermeden waarbij weglopers zonder meer naar huis worden teruggebracht.
Naast het vinden van een geschikte opvang vormt de financiering ervan een knelpunt. De opvangcentra van het Algemeen Welzijnswerk (AWW) kunnen deze kosten niet op zich nemen en de OCMW’s zijn niet geneigd om hierin tussen te komen gezien het om minderjarigen gaat. De kosten terugvorderen bij de ouders kan in vele gevallen de spanningen alleen maar doen toenemen.

Welcome Back - projecten
Om impulsen te geven aan de opvang en de nazorg voor jonge weglopers en hun ouders, ondersteunde de Koning Boudewijnstichting negentien projecten onder de noemer “Welcome Back”. De projecten besteden vooral aandacht aan een betere bekendmaking van de bestaande hulpverlening en aan de eerste opvang van weggelopen jongeren. Dit alles in het perspectief van het hanteren van conflicten en het herstel van de dialoog met de thuissituatie. Zes van deze projecten werden opgezet door centra algemeen welzijnswerk (CAW):

  • “Weglopen?!… praten werkt”
    Deelwerking De Hallen van CAW Mozaïek biedt een aangepast hulpverleningsaanbod aan gezinnen in crisissituaties en waar de jongere weggelopen is. Via begeleiding en bemiddeling tussen ouders en jongere, wordt gestreefd de communicatie terug te installeren en te komen tot minimale afspraken. Hierbij gaat de aandacht uit naar ieders beleving van het weglopen. Zo hopen ze meer ingrijpende vormen van hulpverlening te kunnen vermijden. Dit hulpverleningsaanbod is bekend gemaakt via een gadget voor de jongere en een brochure gericht naar de ouders. Het materiaal is bezorgd aan alle Nederlandstalige middelbare scholierstudenten van Brussel en hun ouders, in samenwerking met de Centra voor Leerlingen Begeleiding (CLB’s). Ook intermediairen die met weglopers te maken krijgen, zijn ingelicht.
  • “Weg(ge)lopen? Of toch niet?”
    Het Jongeren Advies Centrum (JAC) in Limburg (CAW ’ t Verschil) richt zich tot weggelopen jongeren en hun ouder(s). Hun aanbod bestaat uit een preventief en hulpverlenend luik. Zo heb je de “wegloperskaart”, een handboekje in pocketformaat, met aandacht voor zowel de weggelopen minderjarige als de jongere die aan weglopen denkt. Deze kaart biedt info over het belang van een vertrouwenspersoon, de rechten en plichten van een wegloper, de consequenties van het weglopen en nuttige adressen. De bijhorende fiche wil de jongere aanmoedigen contact op te nemen met het JAC wanneer het moeilijk gaat. Het JAC kan dan ondersteuning, begeleiding of bemiddeling aanbieden.
    Nieuw is dat nu ook crisisinterventie aan huis mogelijk is. Een JAC-medewerker zit dan gedurende vijf dagen met het gezin rond de tafel om te bekijken hoe het in de toekomst anders kan. Samen met het gezin wordt dan een hulpverleningsplan op papier gezet waarmee ze verder aan de slag kunnen.
  • “Laat mijn kop met rust” “Ik wil WEG”
    Het JAC ’t Koerken, deelwerking van CAW Regio Aalst, richt zich naar jongeren tussen 12 en 18 jaar die willen weglopen of weggelopen zijn van huis. Door middel van de informatiecampagnes “Laat mijn kop met rust” en “Ik wil WEG!”, opgezet naar en door jongeren, worden ze geconfronteerd met de problemen die weglopers kunnen meemaken. De campagnes leren jongeren de weg naar het JAC en zijn mogelijkheden kennen. Het JAC streeft ernaar, door middel van een intense samenwerking met diverse jongerenverenigingen en organisaties, een laagdrempelig en veilig jongerenhuis te zijn dat fungeert als aanspreekpunt voor weglopers of potentiële weglopers. Daarnaast bestaat de informatiebundel “Weggelopen wat nu?” die verspreid wordt naar andere welzijnsorganisaties in de regio.
  • “Give me a break!”
    Het Jongeren Advies Centrum van Dendermonde-Wetteren biedt met dit project passende hulpverlening aan jonge weglopers en hun ouders. Het hulpverleningsaanbod staat beschreven in een draaiboek. Dit is tot stand gekomen door de samenwerking tussen het JAC en de algemene hulpverleningsdienst van het CAW ’t Dak-Teledienst. Het draaiboek heeft als doel het opzetten van een netwerk waardoor minderjarige weglopers op een goede en veilige manier geholpen worden.
    Een ander doel is het via een folder informeren van intermediairen zoals leerkrachten, huisdokters en politieagenten. Het zijn zij die als eerste signalen opvangen van de problematiek en een belangrijke schakel vormen in het doorverwijzen van jongeren.
  • Allochtone meisjes die weglopen van thuis
    Met dit project willen de partners CAW Leuven en Steunpunt Allochtone Meisjes en Vrouwen komen tot concrete richtlijnen en aandachtspunten voor de intake, opvang en hulpverlening aan allochtone meisjes die weglopen van huis. Cultuurverschillen en generatieconflicten in het allochtoon milieu bemoeilijken vaak de interventies, vandaar dat een aangepaste methodiek van hulpverlening aangewezen is. Doelstelling is de relatie tussen de jongere en haar thuisfront te verbeteren.
  • "www.weglopen.be”
    De website, een initiatief van CAW Midden West Vlaanderen, biedt zowel aan jongeren als aan ouders uit de regio Roeselare-Izegem-Tielt informatie omtrent weglopen. Via deze laagdrempelige toegang krijgen jongeren in de eerste plaats duiding omtrent het thema (gevolgen, juridische situatie). Daarnaast worden ze de weg gewezen bij vragen en problemen (preventieve luik). Aan de hand van een overzicht van diensten in de regio krijg je een zicht op waar naar toe als een jongere beslist om weg te lopen. Dezelfde informatie wordt ter beschikking gesteld aan de ouders.

De problematiek van het weglopen mag zeker niet geïsoleerd worden. Ook andere gedragingen van jongeren zoals spijbelen, kunnen wijzen op onderliggende probleemsituaties. Deze aangrijpingspunten in het gedrag van jongeren mogen echter de aandacht niet afleiden van zij die géén duidelijke signalen geven.
Daarnaast is ook het perspectief van de ouders erg belangrijk. Opvoedingsondersteuning kan bijdragen tot het bespreekbaar maken van opvoedingsproblemen en ouders meer houvast bieden.
Tenslotte zal in het kader van de Integrale Jeugdhulp de crisishulpverlening aan minderjarigen in alle regio’s in kaart gebracht worden en zullen de betrokken diensten concrete afspraken maken in een netwerk.

(*) Weglopen: weg… van wat? Studie over het profiel en de ervaringen van weglopers in België, Januari 2004, Child Focus en de Koning Boudewijnstichting, 194p.

STEUNPUNT ALGEMEEN WELZIJNSWERK vzw - Diksmuidelaan 36a - 2600 Berchem - Tel.: 03 366 15 40 - Fax: 03 385 57 05 - post@steunpunt.be
Alle rechten voorbehouden - DISCLAIMER - Technische realisatie: HolonCom - Ontwerp: Crozz Communication