De vier trajecten kunnen worden gevolgd bij tijdelijk apart wonen (hoofdstuk 1), echtscheiding (hoofdstuk 2), scheiding na samenwonenden (hoofdstuk 3), reorganisatie van de familiezaken na de echtscheiding (hoofdstuk 4).
Voor het eerste traject neemt niemand een advocaat. De partners onderhandelen rechtstreeks met elkaar en beslissen zelf. Ze kunnen een bemiddelaar in dienst nemen om hen te helpen efficiënt en gelijkwaardig te onderhandelen.
Voor het tweede traject neemt elk een advocaat. Een van de advocaten zal de andere voorstellen te onderhandelen. Elke advocaat moet partij kiezen voor zijn cliënt. Elke advocaat wil dat zijn cliënt zoveel mogelijk uit de onderhandelingen haalt. Wanneer de twee advocaten een voorstel tot overeenkomst bereiken, vraagt elke advocaat aan zijn cliënt of hij met het voorstel akkoord gaat. De partners nemen zelf een beslissing.
In het derde traject wordt er geen advocaat genomen. Een van de partners opent een gerechtelijke procedure. Ieder pleit zelf mondeling. De rechter luistert naar de pleidooien en neemt een beslissing.
Voor het vierde traject neemt elk van de partners een advocaat. Een van de advocaten zal als eerste een gerechtelijke procedure openen waarin hij de tegenpartij aanvalt. De andere advocaat zal zijn cliënt verdedigen en ook de tegenpartij aanvallen. De advocaten maken een schriftelijk pleidooi (dat zij soms mondeling uitleggen). De rechter leest de pleidooien van de twee advocaten. De rechter neemt een beslissing.
De vier hoofdstukken in de brochure zijn een nadere toelichting van traject 4.
Het laatste deel van de brochure gaat dieper in op traject 1, waarin men een beroep kan doen op een bemiddelaar in familiezaken.